18 september 2018

Prinsjesdag 2018

Koning Willem-Alexander sloeg dinsdag in de Troonrede, wat de VGS betreft, de spijker op zijn kop: “Het lerarentekort vraagt de komende jaren om actie en samenwerking van alle partijen in het onderwijs.”

De VGS is blij met de acties die de koning aankondigde om het nijpende tekort aan te pakken: geld voor hogere salarissen in het primair onderwijs (jaarlijks 270 miljoen), verlaging van de werkdruk voor docenten (237 miljoen in 2019) en halvering van het collegegeld in de eerste twee jaar van de lerarenopleiding. Tegelijkertijd is er alle reden voor de inzet van alle partijen in het veld om het lerarentekort tegen te gaan, want het lerarentekort is een groot maatschappelijk probleem.

De VGS constateert tevreden dat het kabinet extra investeert in onderwijs: de begroting van het ministerie stijgt met 38,9 miljard euro naar een totaal van bijna 42 miljard euro. Daarvan gaat bijna 39 miljard euro naar onderwijs.

Vrijheid van onderwijs
De ministers zeggen in hun begroting dat het onderwijs ‘niet alle maatschappelijke problemen kan oplossen’. Terecht, wat de VGS betreft. Overheid en politiek kijken steeds vaker naar het onderwijs om de problemen in de maatschappij op te lossen. Zo valt in de begroting te lezen dat het burgerschapsonderwijs wordt versterkt door de wettelijke opdracht te verduidelijken zodat alle leerlingen respect voor en kennis van de basiswaarden van de democratische rechtsstaat wordt bijgebracht en iedere school in al haar uitingen hiermee in lijn handelt. De VGS herhaalt de oproep richting Den Haag dat scholen de ruimte moeten krijgen om hun eigen invulling te geven aan het onderwijs. Scholen kunnen heel goed zelf bepalen wat leerlingen moeten meekrijgen.

Verder zegt het kabinet de vrijheid van onderwijs te vergroten door het stichten van scholen te vergemakkelijken op basis van de belangstelling van ouders. Het wetsvoorstel dat dit moet regelen wordt waarschijnlijk dit jaar aan de Tweede Kamer gezonden. Nieuwe scholen worden voortaan getoetst op wettelijke deugdelijksheidseisen. Volgens de VGS wordt de vrijheid van onderwijs hiermee niet vergroot, maar juist beperkt.

Emancipatie
In het regeerakkoord heeft het kabinet afspraken uit het zogenoemde regenboogakkoord opgenomen; dat is een akkoord dat acht politieke partijen hebben gesloten over de bevordering van emancipatie van LHBTI en mensen met een beperking. In dat kader gaat het ministerie van Onderwijs komend jaar aan de slag om de positie van LHBTI bij de opleiding van docenten en in het MBO te verbeteren. Verder worden de kerndoelonderdelen seksualiteit en seksuele diversiteit in de toekomst aangescherpt. In 2018 wordt ook het examen- en kwalificatiebesluit aangepast. Hierin wordt gesproken over acceptatie van seksuele- en genderdiversiteit als basiswaarde in onze samenleving. Ook wil men diversiteit in lesmethodes vergroten. Hoe dat precies in het vat wordt gegoten, is nog onduidelijk. Vanuit onze christelijke kijk op seksuele diversiteit en sociale veiligheid is dit ook voor de VGS een aangelegen thema dat we nauwlettend zullen volgen.

Minister Van Engelshoven en Slob willen verder onder andere:

  • Meer geld voor vroeg- en voorschoolse educatie: er kan zo meer aandacht gegeven worden aan de jongste kinderen met onderwijsachterstanden.
  • Subsidieregeling introduceren voor (hoog)begaafde leerlingen: hiermee worden samenwerkingsverbanden passend onderwijs en scholen gestimuleerd om in de regio een dekkend onderwijs- en ondersteuningsaanbod voor (hoog)begaafde leerlingen in te richten.
  • Het curriculum voor het PO en het VO wordt herijkt: VGS roept scholen uit zijn achterban op aan dat proces deel te nemen door input te leveren via curriculum.nu. De ontwikkelfase wordt in 2019 afgerond; daarna volgt politieke besluitvorming. De VGS zal dat op de voet volgen en in Den Haag de vinger aan de pols houden. Tevens zullen we blijven werken aan ruimte voor een christelijke visie op thema’s als burgerschap en seksuele diversiteit.

Financiën
Wat betreft de financiële gevolgen voor het PO zien we dat over het algemeen geen opvallende nieuwe zaken te noemen zijn.

In de Miljoennota zijn de inkomsten voor werkdrukvermindering zichtbaar. Na 3 jaar wordt geëvalueerd of het veld goed met de middelen is omgegaan en de werkdruk is verlaagd. Afhankelijk hiervan wordt het budget verhoogd van 257 miljoen naar 430 miljoen euro. We hopen dat de evaluatie positief zal zijn en scholen deze middelen dus ook kunnen besteden. Hierin zit nog wel een stuk onzekerheid.

Verder is de taakstellende bezuiniging voor de komende jaren grotendeels uit de begroting verdwenen. Dit is positief. Tegelijkertijd resteert er nog wel een behoorlijke bezuiniging voor OCW. Dat zal niet voor 2019 zijn, maar wel voor de jaren vanaf 2020. Hoe dit concreet zijn uitwerking zal hebben is helaas nog onzeker.

Overige punten zijn een beter onderwijsachterstandenbeleid met meer middelen, extra middelen voor hoogbegaafdheid (via samenwerkingsverbanden) en extra middelen voor hogere lonen, al waren deze al bekend.

Reactie van bestuurder Pieter Moens
“Ik heb grote waardering voor de inzet van het ministerie om het lerarentekort aan te pakken. Ook vind ik het goed dat het kabinet beseft dat niet alle maatschappelijke problemen op het bord van de school gelegd kunnen worden. Tegelijkertijd constateer ik een tegenstrijdigheid: de kerndoelen seksualiteit en seksuele diversiteit moeten blijkbaar aangescherpt worden. Jammer dat het roze akkoord domineert. Als genderdiversiteit tot basiswaarde wordt verheven in onze samenleving, betreur ik dat. De christelijke visie op de door God gegeven scheppingsorde is immers voor iedereen heilzaam.”

Heeft u een vraag?

Neem dan contact op met Pieter Moens
  p.moens@vgs.nl
  0180-44 26 55
  06-30 58 55 00